Het moest er voor ons natuurlijk een keer van komen: een heus Aleia iacta est spel, “de dobbelsteen (teerling) is geworpen”, een spel in de stijl van Caesar, in de periode van Caesar en met miniaturen van Caesar, in één van de oudste Romeinse nederzettingen in Nederland, Traiectum (Utrecht). De Utrechtse wargame-triari Peter van Dop dompelde mij (Jurrianix Asterix) en medevlogger Coenius Caesar Equalihortus onder in de nieuwe variant van zijn Bello Ludi-systeem: De Re Bello Ludi. Ancients. Den Klassieken. De Bello Gallico voor dobbelsteengeneraals.

Onderstaand ons vlogje:

Wat is het wel?

Bello Ludi is geïnspireerd op Black Powder, dat weer geïnspireerd was door Warmaster. De hoofdelementen van BP zijn ook aanwezig in BL:

  • je kunt vooraf één, twee of drie commando’s geven: een dobbelsteenworp bepaalt hoeveel daarvan je kunt uitvoeren – met de mogelijkheid dat niets lukt;
  • net zoals bij Black Powder is er een kans op een ‘blunder’, waardoor een eenheid of brigade iets onverwachts doet
  • een eenheid loopt schadepunten op, en bij overschrijding van een maximum verdwijnt de hele eenheid van tafel
  • een brigade kan ‘breken’
  • er zijn meerdere (onder)bevelhebbers
  • eenheden in elkaars nabijheid ondersteunen elkaar en geven een bonus.

Ingewikkelde of vertragende onderdelen uit BP (moraal, variabele stats per eenheid, variabele kwaliteit van generaals) zijn geheel of grotendeels weggevijld.

Iedere beurt mogen de spelers kaarten op hun eigen of andermans eenheden uitspelen die een of meerdere beurten voordeel of nadeel opleveren. Ze mogen die kaarten ook uitspelen om voor- of nadelen te verwijderen. De hand met kaarten wordt steeds aangevuld.

Strijdende strijders strijden voorwaarts (eigen collectie Peter van Dop)

Wat is het niet?

BL Ancients is niet complex. BL is gemaakt voor mensen zonder enige ervaring in wargaming, in het bijzonder voor multiplayer teambuilding. Van Dop heeft een spelsysteem van maar 14 pagina’s (half A4) ‘a little more than RISK’, zoals hij zelf schrijft. Om de teambuildende spelers voortdurend betrokken te houden bij het spel kunnen ze op ieder moment hun kaarten uitspelen gedurende de veldslag.

Hoe werkt het?

Vrij simpel, in mijn ervaring. Op onze standaard 6×4 eetkamertafel vielen de Romeinen en de Galliërs elkaar aan. Het doel was eenvoudig: wie aan het eind van het spel twee van de drie tafeldelen in handen heeft, wint. Net als bij Black Powder ramden we er vol in, zoveel mogelijk optrekkend om zo snel mogelijk de eenheid recht tegenover van de tafel te slaan. Je dobbelt voor een order. Orders slagen statistisch in 75% van de gevallen, met 5% kans op een blunder. In Warlords BP heeft een bevelhebber een command value van 7, 8, 9 of 10, en moet je met 2D6 zo laag mogelijk gooien, dubbel 6 is een blunder. In BL is dat versimpeld naar een 20-zijdige dobbelsteen.

Wie chargeert, dobbelt met een handvol D6-dobbelstenen en scoort treffers bij 4+. De verdediger scoort treffers bij 5+. De verliezer valt in tweederde van de gevallen terug met een mogelijkheid voor de ander om op te volgen.

Het gevolg is – naar mijn voorlopige indruk – dat als je chargeert en gelukkig gooit, je binnen de kortste keren één of twee eenheden van de tegenstander van de tafel geveegd hebt, en in een goede uitgangspositie staat om andere vijandelijke eenheden van de zijkant of achterkant aan te vallen en van de tafel te vegen. Er kan een soort sneeuwbaleffect ontstaan, of zeg maar een lawine, van beslissende acties waardoor een brigade gebroken wordt en andere ernstig bedreigd.

De manier voor de opponent om dat tegen te gaan is om blokkeerkaarten uit te spelen waardoor de winnaar zijn beweging moet onderbreken of gehinderd wordt. Het negatieve effect kan vervolgens teniet gedaan worden door er een ‘command card’ – eigenlijk een jokerkaart – op te leggen die de blokkeerkaart van tafel speelt.

Als ervaren gamers speelden Equalihortus en ik vanaf het begin af aan dus steeds onze volledige speelhand uit, zodat je zoveel mogelijk kans hebt op een beslissende kaart. Een nieuweling is daar misschien voorzichtiger in.

Zoals het hoort ontwikkelde het spel zich snel en was al gauw duidelijk waar de beslissende acties plaatsvonden. Eenheden stonden nooit werkeloos in reserve. Er was één flank die we wederzijds blokkeerden dus daar gebeurde niks. In anderhalf, twee uur hadden we een volledige ‘slag’, inclusief slap geouwehoer. Dat was heel aangenaam.

Spelervaring/ conclusie

Coenius en ik beoordelen dezelfde ervaring anders. Koen houdt van snel, simpel en duidelijk en speelt op clubbijeenkomsten met een gevarieerde groep mensen die niet per se de triari van de velites kunnen onderscheiden – ‘moet daar zigeunersaus of knoflooksaus overheen?’. Ikzelf daarentegen heb zeker vijf Ancients-regelsets in de kast staan die ik ooit nog eens onderling wil vergelijken, en heb in mijn kennissenkring knopentellers die die ik er van verdenk dat ze het geboorte- en sterfjaar van Scipio Africanus uit hun hoofd kennen en er soms over dromen (ik noem geen namen, Eltjo!). De uitgangspunten van Koen en mij zijn dus nogal verschillend.

Koen was daarom zeer te spreken over deze Bello Ludi-variant ‘De Re Bello Ludi’. Snel, vlot, misschien wat te veel invloed van de kaartjes, toch een 8,5, zei hij enthousiast.

Ik zie dat anders. Voor de directiesecretaresse en de ICT-er op teamuitje vind ik deze RISK-versie van Black Powder/Hail Caesar een uitstekend spel. In die opzet tenminste een 8, als ik dan toch een ‘cijfer’ moet geven. Ik kan me zelfs voorstellen dat een casual wargamer er een keer een lollige middag met wat vrienden aan beleeft. Hoewel ik dan eerder zou neigen naar Hail Caesar.

In essentie vind ik ook HC al een te oppervlakkig gezelschapsspel. Doe mij maar een ongelijke historische slag in DBA of een ingewikkelder systeem dat ik kan uitpluizen op logica of dobbelsteenstatistieken. Bello Ludi werd naar mijn gevoel meer nog dan HC bepaald door dobbelsteenuitkomsten en door de toevallige kaartjes in je hand en niet door tactiek.

Ik ben daar niet zo van. Het spel is voor mij iets te veel fast & furious voor newbies, eenvoud regeert: teveel een patatje oorlog voor iemand die meer houdt van poulet Marengo en dure cognac.

Maar in zijn genre: prima. Zoals Julius Caesar himself – pardon, sui – ooit schreef: “Het is beter de eerste te zijn in uw dorp dan één van de laatsten in Rome”.